T. Schilling

 

Handelingen herlezen: een gids voor de hedendaagse evangelisatie?

 

 

In zijn motu proprio Porta Fidei, over het uitroepen van het “Jaar van het Geloof”, verwijst paus Benedictus XVI naar de diepe geloofscrisis van onze tijd. Het is nodig, zegt de paus, dat wij de weg van het geloof herontdekken, opdat de Kerk haar opdracht kan vervullen, “om mensen uit de woestijn te leiden, naar de plaats van het leven, naar de vriendschap met de Zoon van God.”[1] Dat herbronning onmisbaar is bij de evangelisatie, is een terugkerend thema in de leer van deze paus en in die van zijn voorgangers.[2] Hier denken we natuurlijk eerst aan de vier evangeliën van het Nieuwe Testament, onze voornaamste bronnen over Jezus en zijn boodschap. Maar eigenlijk is heel de Bijbel een bron voor de evangelisatie, en niet alleen als voorstelling van de inhoud die verkondigd moet worden. De Bijbel geeft ook inzicht in de mogelijke manieren van de verkondiging. Een bijzonder interessant voorbeeld hiervan is Handelingen van de Apostelen, want dit boek laat zien hoe de vroege kerk de boodschap naar buiten heeft gebracht. In verband met de nieuwe evangelisatie leek het mij nuttig om Handelingen systematisch te herlezen aan de hand van de vraag, Wat valt op in het evangeliseren van de vroege kerk? Deze grote vraag heb ik nader gespecificeerd met hulp van de klassieke vragen van de journalistiek.

 

Wie: Wie verkondigt het geloof in Handelingen, en wie luistert naar die verkondiging?

Wat: Wat is de inhoud van de boodschap die meegedeeld wordt?

Waar: Waar wordt het evangelie verkondigd? Zijn er speciale plekken?

Wanneer: Wanneer gebeurt het? Zijn er speciale tijdstippen of seizoen?

Waarom? Wat is de motivatie van de verkondigers? Waar halen ze hun inspiratie vandaan?

Hoe: Hoe wordt het evangelie verkondigd? Welke methoden en middelen worden ingezet?

 

Hierna stel ik mijn bevindingen voor, maar eerst een korte inleiding over Handelingen.

 

Handelingen in het kort

 

Volgens de traditie en de Bijbel wetenschap is Handelingen geschreven door dezelfde auteur als het Evangelie volgens Lucas.[3] Lucas kennen we uit de brieven van Paulus als arts, heiden, bekeerling en vriend van Paulus[4]. Handelingen neemt het verhaal op waar Lucas eindigt, en heeft dezelfde schrijfstijl. Er is ook veel intern bewijs voor verbondenheid tussen de twee boeken. De beide spreken bijvoorbeeld in het begin een zekere Teofilus aan. Dit was misschien een hoge Romeinse functionaris of lid van de gemeente. We weten niet precies wanneer Handelingen geschreven werd, maar dat was zeker na het verblijf van Paulus in Rome, tussen de jaren 61-63.

Het verhaal in grote lijnen is als volgt. Jezus geeft zijn laatste opdracht aan de discipelen en wordt opgenomen in de hemel. Op de dag van Pinksteren daalt de heilige Geest neer op de Apostelen. Petrus geeft leiding aan de christelijke gemeenschap en predikt het evangelie aan buitenstaanders. De christenen worden vervolgd door de Joodse overheid, maar de gemeenschap groeit niettemin in vastberadenheid en aantal. Stefanus verkondigt het geloof en lijdt ten gevolge daarvan een marteldood. Na de kerk te hebben vervolgd, ondergaat Paulus een bekering. Hij wordt een vurige geloofsverkondiger. Binnen de geloofsgemeenschap worden discussies gevoerd over de besnijdenis, het rituele dieet en de toelating van heiden tot de christelijke gemeenschap. Paulus reist door Klein-Azië, de eerste van zijn missiereizen. In Handelingen lezen we ook over het eerste concilie van de kerk, de kerkvergadering van Jeruzalem. Daar wordt beslist dat de kerk geen onnodige last moet leggen op de heidenen die zich tot God bekeren: heidenen die christen worden hoeven zich niet te houden aan alle joodse voorschriften, want de heilige Geest is ook aan de heidenen gegeven. Handelingen vertelt ten slotte over de tweede en derde missiereizen van Paulus (naar Kleine Azië en Europa) en eindigt met Paulus in Rome.

 

De bevindingen

 

Wie evangeliseert in Handelingen? De hoofdrollen zijn zeker voor Petrus en Paulus. Petrus is de onbetwiste leider van de gemeenschap. Hij kende Jezus persoonlijk en hoorde bij de eerste leerlingen. Christus heeft aan hem – zoals we lezen in het Matteüsevangelie (16,9) – symbolisch de “sleutels” van zijn koninkrijk symbolisch toevertrouwd. Petrus’ vooraanstaande positie als leider wordt onderstreept door zijn redevoering op Pinksteren en zijn beslissende rol tijdens de Kerkvergadering ter Jeruzalem. Bij Paulus ligt het anders. Hij leerde Jezus kennen pas na Jezus’ dood en verrijzenis. Net als de gelovigen van nu trouwens. Zijn persoonlijke relatie is ontstaan met zijn bekering, toen de verrezene Heer hem geroepen heeft. Bovendien was hij eerst een vijand en vervolger van de Kerk voordat hij christen werd.

Maar voor wie Handelingen goed leest is het duidelijk dat de geloofsverkondiging niet alleen zaak is voor de leiders van de gemeenschap. Want naast de erg moedige redevoering van Stefanus, zien we ook veel anderen die hun geloof durven uiten. Denk aan Johannes, Filippus, Barnabus, Jakobus en Timoteüs – maar ook aan minder bekende gelovigen, zoals de lamme man die genezen wordt in hoofdstuk 3; Ananias, die betrokken wordt bij de bekering van Paulus; en Agabus de profeet.

Ook interessant is hoe een vorm van verkondiging soms te horen is uit de mond van ogenschijnlijke tegenstanders. Een goed voorbeeld hiervan is de uitspraak van de Farizeër, Gamaliël, in hoofdstuk5. Inantwoord op de vraag, Wat moet de Hoge Raad van de joden doen met de bloeiende beweging christenen?, zegt Gamaliël: “Laat ze hun gang gaan. Gaat dit werk van mensen uit, dan zal het op niets uitlopen. Gaat het echter van God uit, dan zult gij hen niet uiteen kunnen slaan; anders zou misschien blijken dat gij tegen God verzet pleegt.”

Hiernaast moeten ook deze andere bijzondere verkondigers, die aan het woord zijn in Handelingen onder de aandacht gebracht worden. Jezus zelf spreekt in Handelingen, eerst tegen de discipelen voor zijn hemelvaart en later tegen Paulus, als aanzet tot zijn bekering. Engelen zijn aan het woord in hoofdstukken 1 en 8. En de heilige Geest spreekt ook: door de Schrift op zich (1,16) – dat wil zeggen, door de auteur van Handelingen – maar ook door de Apostelen op Pinksteren en een keer tegen Petrus in hoofdstuk 10.

Wat me opvalt over het publiek dat ernaar luistert is dat er verschillende groeperingen zijn, die door elkaar lopen. Er is een innerlijke kring van gelovigen die openstaat voor de christelijke boodschap. Daar tegenover staat een sceptische groep joodse leiders, die gevaar zien voor hun eigen geloofstraditie in de nieuwe beweging. Dan zijn er ook nieuwsgierige buitenstaanders, vaak heidenen die zich afvragen wat voor geloof dit is. Het komt vaak voor dat een derde partij, iemand die niet direct betrokken is bij een gesprek, geraakt wordt door de uitwisseling.

En nu mijn tweede vraag: wat voor inhoud wordt verkondigd? Waar hebben de verkondigers het over? Om deze vraag te beantwoorden heb ik een overzicht gemaakt van de belangrijkste onderwerpen uit de toespraken van Petrus, Stefanus en Paulus. Ik was vooral benieuwd naar onderwerpen die bijna altijd behandeld werden. Wat ik gezien heb is het volgende:

Ten eerste dat de heilige Schrift expliciet aangehaald wordt in gesprekken met de joden, maar impliciet in gesprekken met de heidenen. Wat logisch is, want de joden moesten uitleg krijgen van hoe Jezus in relatie stond tot de bestaande geloofsoverlevering, maar de heidenen hadden die stap niet nodig. Onder de heidenen heeft Paulus goed gebruik gemaakt van zijn kennis van de Griekse filosofie en mythologie.

Ten tweede valt het me op dat nadruk wordt gelegd op Gods kracht – in het verleden, maar ook in het hier en nu. Er wordt vaak verteld over Gods machtige daden, zijn presentie en de kracht van de heilige Geest. De verkondigers eisen geen eer voor zichzelf op, maar verwijzen altijd naar God.

Enkele geloofsartikelen worden consequent verkondigd. Duidelijk is dat kruis en verrijzenis centraal staan in de verkondiging. Jezus wordt voorgesteld in transcendente termen: als Christus, Heer, Verlosser, Zoon van God. Hij is meer dan een vriend, profeet of voorbeeld. Bekering is ook een terugkerend thema. Denk maar aan het feit dat het bekeringsverhaal van Paulus herhaaldelijk en in detail verteld wordt. Bekering is onmisbaar voor de christen.

Waar, wanneer, waarom en hoe wordt het evangelie verkondigd in Handelingen der Apostelen? Dit zijn de resterende vragen.

Waar? Dat is eenvoudig. De christenen doen recht aan de opdracht van de Heer: de blijde boodschap wordt overal verkondigd. In die zin biedt Handelingen een mooie kijk op het leven twee duizend jaar geleden in het Midden Oost, Klein Azië en het verre zuiden van Europa. Het is net een oude reisgids.

Interessant om te zien is hoe de kring van betrokkenen steeds groter wordt. Wat begint als een diep geestelijke ervaring in de eigen joods-christelijke gemeenschap wordt langzamerhand gedeeld met steeds meer buitenstaanders: Samaritanen, heidenen, mensen aan de marges (denk aan Simon de leerlooier en de gevangenisbewaker), mensen ver weg. De kerk hier is voortdurend in beweging. Het Woord gaat voort vanuit Jeruzalem naar Samaria, de zeekust, Damascus, Antiochië, Cyprus, Klein Azië, Europa en uiteindelijk naar Rome. Zie ook de diversiteit in de omgevingen waar verkondiging plaatsvindt: op marktplaatsen, op straat, voor ambtenaren, op de Areopagus van Athene, in synagogen en in huiselijke kring.

Het antwoord op de vraag, wanneer wordt het evangelie verkondigd?, lijkt een beetje op het antwoord op de vorige vraag. Elke tijd is een goede tijd om God aan te prijzen. Geloofsgetuigenis, gebed en prediking vinden plaats niet alleen in de eredienst of in momenten die daarvoor gereserveerd zijn. Ze komen in alle omstandigheden voor, en vooral naar aanleiding van een zichtbare nood. Iemand lijdt. Iemand stelt een moeilijke vraag. Daar gaat de gelovige op in.

De tijdsduur van de verkondiging lijkt ook van belang. In Handelingen zien we dat geloof niet in één keer overgedragen wordt. Het vraagt om veel geduld, meerdere gesprekken en veel tijd samen. Een redevoering wordt vaak vervolgd op een latere dag, en Paulus logeert maanden en zelfs jaren bij een gemeenschap, om het geloof daar te versterken.

De motivatie voor de geloofsverkondiging, het waarom, is heel consequent terug te vinden in een persoonlijke ontmoeting tussen de discipel en Christus of in een sterke ervaring van Gods genade. Petrus en andere gelovigen kenden Jezus persoonlijk. Maar anderen zijn christen geworden dankzij de liefde die gedeeld wordt in Christus’ naam. Zie bijvoorbeeld de genezing van de lamme man door Petrus en Johannes in hoofdstuk drie. Deze man begint God meteen te prijzen. Helaas zien we ook dat mensen zich soms aansluiten bij de geloofsgemeenschap om de verkeerde redenen: Simon de magiër bijvoorbeeld wil heel graag de kracht van de apostelen hebben (hoofdstuk 8). Handelingen toont duidelijk aan dat dit niet de bedoeling is.

We vinden in Handelingen geen zichtbare motivatie om de macht van de kerk op zich te doen groeien. Die beweegreden blijft buiten beschouwing. Het gaat om de redding die God brengt, niet om de kerk als instituut.

Ten slotte de vraag, Hoe? Hoe wordt Christus gepredikt in Handelingen?

Kort gezegd: met woorden, met daden en liefst samen. De kracht van de woorden ligt niet in eerste instantie in hun eloquentie. Wanneer Petrus en Johannes voor het Sanhedrin staan, zijn deze discipelen in de ogen van de schriftgeleerden en hogepriester, “ongeletterde, eenvoudige” mensen. Maar de moed en vurigheid van hun verkondiging maakt indruk: Door niemand anders komt de redding, durven ze zeggen, dan door Christus.

Waar argumentatie wordt gebruikt, sluit het altijd aan bij de denkwijze van diegenen die de argumenten zouden moeten kunnen verstaan. Als Paulus aan het woord is, vertrekt hij vanuit de eigen standpunten van het publiek, zij het joden of aanhangers van het stoïcisme of het epicurisme. Hij leert ons hoe belangrijk het is om onze gesprekspartners goed te verstaan.

De christenen spreken ook uit persoonlijke ervaring. Zij getuigen van hun geloof, vaak in tweetalen, en laten weten wat ze zelf meegemaakt hebben. Dit maakt hun verhaal concreter en meer geloofwaardig.

Naast woorden, wordt de boodschap ook verkondigd aan de hand van daden. Dat zijn daden van liefdadigheid, wonderdaden (zoals genezingen, een bevrijding uit de gevangenis, de opstanding van Tabitha in hoofdstuk 9), en het sacrament van het doopsel. Wat de daden laten zien, is dat God achter de woorden staat: als bron van de liefde, als almacht, als bron van genade.

De grootste verrassing voor mij bij het herlezen van Handelingen was hoeveel nadruk gelegd wordt op de naam van Jezus. De gelovigen willen prediken in zijn naam, ze willen hem verkondigen als Verlosser, maar veel luisteraars hebben daar moeite mee. Hun daden van liefdadigheid waren welkom, maar geloof in Jezus zelf, de bron van de liefde was voor velen een struikelblok. Hetzelfde geldt in onze tijd, denk ik.

 

Implicaties voor de hedendaagse evangelisatie

 

Ter slotte: Wat kunnen we van Handelingen meenemen in de eigen geloofsverkondiging van hier en nu? Veel, het lijkt mij, maar in het bijzonder misschien drie gedachten. Ten eerste: Evangelisatie begint met de persoonlijke relatie met Christus; we verkondigen niet onszelf, zegt Paulus, maar Christus. Ten tweede: De verlossing door Christus, door zijn leven, dood en verrijzenis, moet centraal staan in de boodschap die we brengen. Ten derde: onze verkondiging mag wel wat kosten. Christen zijn vraagt om bekering en offergave. De vraag is in hoeverre we bereid zijn om Christus te volgen.

 

Dr. Timothy P. Schilling (USA, 1965) is medewerker van het Centrum voor Parochiespiritualiteit, Nijmegen, en secretaris van het Platform voor Evangelisatie (www.rkevangelisatie.nl). In 2003 promoveerde hij in de praktische theologie aan de Katholieke Theologische Universiteit te Utrecht. Daarvoor studeerde hij theologie aan de KU Leuven (MA 1994) en letterkunde aan Princeton University (BA 1987). Hij is auteur van De blijde boodschap. Een gids voor verkondiging (2009).

 

Dit artikel verscheen in Communio 37,3-4 (mei-augustus 2012).



[1] Paus Benedictus XVI, Porta fidei (11 oktober 2011), 2.

[2] Van Benedictus XVI zie Verbum dei 98 en 122 en zijn homilieën op 5 oktober 2008 en 26 oktober 2008. Vgl. Johannes Paulus II, Novo millennio ineunte 29, 39-40; Paulus VI, Evangelii nuntiandi 15.

[3] Voor dit korte overzicht heb ik de volgende bronnen geraadpleegd: Joop Smit, Het verhaal van Lucas. Sleutelpassages uit zijn evangelie (Meinema, 2009). Internationaal Comentaar op de Bijbel, 2e druk, (Kok-Kampen / Averbode, 2001). Luke T. Johnson, The Writings of the New Testament: An Interpretation (Fortress, 1986).

[4] Vgl. Kol. 4,14; 2 Tim. 4,11; Fil. 24.

About the Author

Comments are closed.

  • Zoeken

  • Gebedsketen

     

    Wie doen er al mee?

    Wat zijn de gebedsintenties?

    Klik hier     

     

    Word een schakel

    in de Gebedsketen

    voor de Nieuwe Evangelisatie !

     

    Iedereen wordt uitgenodigd
    mee te bidden voor de

    Nieuwe Evangelisatie.

    Wilt u meebidden, klik hier

  • Wat is het kerygma?

     

    “De (eerste) verkondiging heeft als inhoud de gekruisigde, gestorven en verrezen Christus.” Paus Johannes Paulus II, Redemptoris Missio nr. 44

  • Routeplanner voor Evangelisatie

    12 stappen naar groei van parochie/geloofsgemeenschap Lees verder